| Beleidsproces | Intelligente aansturing verkeer | Wegeninfrastructuur | |
![]() |
![]() |
![]() |
|
| Fietsinfrastructuur | Infrastructuur binnenvaart |
Spoorinfrastructuur |
|
![]() |
![]() |
![]() |
|
| Infrastructuur De Lijn |
Verkeer en congestie |
||
![]() |
![]() |








De afgelopen maanden stond het thema van de verbetering en versnelling van het beleidsproces voor infrastructuurinvesteringen hoog op de politieke agenda. Er was een resolutie van het Vlaams Parlement, voorstellen van de Commissie Berx alsook aanbevelingen en adviezen van verschillende strategische adviesraden (MORA, SERV, SARO). Vooralsnog hebben deze initiatieven alleen geleid tot de oprichting van een Taskforce die een plan van aanpak moet voorleggen. Het plan van aanpak is tot op heden nog niet beschikbaar. Wél zijn vanuit de Taskforce een zestal thematische werkgroepen opgericht die op korte termijn concrete voorstellen moeten uitwerken. De MORA wenst er uitdrukkelijk op aan te dringen dat bij de uitwerking van voorstellen voldoende rekening wordt gehouden met de nood aan transparantie, sociaaleconomische onderbouwing en draagvlak. Het is daarbij essentieel dat de rol van de SAR’s in het proces erkend en bewaakt wordt.








Voor de intelligente aansturing van het verkeer zet de Vlaamse overheid momenteel vooral in op het plaatsen van hardware. Medio 2010 kan nog maar een klein gedeelte van het wegennet via DVM worden aangestuurd. De hardware zoals dynamische signalisatieborden is absoluut noodzakelijk, maar dynamisch verkeersmanagement is meer dan dat. Het moet de bedoeling zijn om via DVM verkeersstromen op een intelligente en geïntegreerde manier aan te sturen met het oog op een betere capaciteitsbenutting, een grotere verkeersveiligheid en leefbaarheid en een wisselwerking tussen de verschillende vervoersmodi. Op het terrein stellen we op dit vlak in de voorbije periode weinig concrete realisaties vast, tenzij onder de vorm van enkele proefprojecten. Van een integrale benadering of netwerkaanpak met afstemming tussen hoofd- en onderliggend wegennet en met de andere vervoersmodi is nog geen sprake. In 2009 waren er nog steeds grote hiaten in het meetnet op strategisch belangrijke locaties (Ring Antwerpen), waardoor geen adequate data van bijv. voertuigverliesuren mogelijk zijn. Tegen eind 2010 moet de installatie van de tellussen overal op het Vlaamse hoofdwegennet gerealiseerd zijn (Van het totale kostenplaatje van 13,5 miljoen euro is in 2009 6 miljoen euro geïnvesteerd. 7,5 miljoen euro is ingeschreven in de begroting voor 2010 om het project rond te krijgen)








De beleidskredieten voor investeringen in de wegeninfrastructuur en het structureel onderhoud ervan zijn de laatste jaren aanzienlijk gestegen van bijna 170 miljoen euro in 2005 naar 326 miljoen euro in 2010
|
2005
|
2006
|
2007
|
2008
|
2009
|
2010
|
2010 BC
|
|
|
Totaal
|
169.785
|
209.192
|
257.935
|
290.373
|
330.903
|
300.949
|
326.161
|
|
waarvan structureel onderhoud
|
90.000
|
104.000
|
|||||
|
overige investeringen
|
240.903
|
196.949
|
Missing Links wegennet
Ondanks deze toename van de middelen, zijn de verwezenlijkingen op het terrein beperkt. Het oorspronkelijke ambitieniveau voor de realisatie van de missing links (link kaart 1) zoals vastgelegd in het Mobiliteitsplan lijkt niet gehaald te worden. Veel van de projecten zitten in de voorbereidingsfase, maar van de 27 vastgelegde missing links zijn er momenteel slechts 2 effectief gerealiseerd. Vermelden we dat wat betreft de missing link van de Oosterweelde momenteel de varianten nog bestudeert worden en er nog geen zicht is op de concrete timing voor realisatie.
| ontwerp bezig | ontwerp goedgekeurd | aanbesteed | in uitvoering | uitgevoerd | totaal | |
| Totaal | 92 | 50 | 113 | 112 | 442 | 809 |
Het recentste rapport over de toestand van het wegennet van december 2009 stelt globaal gezien een lichte verbetering van de toestand van de autosnelwegen vast, maar de gewestwegen kenden een achteruitgang. Andere vaststellingen uit het rapport :
De winterschade aan de Vlaamse gewest- en autosnelwegen is in 2009-2010 groter dan andere jaren. De kostprijs voor het herstellen van de schade aan de Vlaamse gewest- en autosnelwegen door het extreme winterweer bedraagt ca. 88,4 miljoen euro. Dat is het vijfvoudige van de winter 2008-2009.
Het is dan ook niet verwonderlijk dat de focus van de investeringen in de weginfrastructuur eerder lijkt te liggen op de noodzakelijke inhaalbeweging van de onderhoudsachterstand op het wegennet. Het voorziene budget voor structureel onderhoud in 2010 bedraagt 104 miljoen euro: 58 miljoen voor snelwegen en 56 miljoen euro voor gewestwegen. Daarbovenop is binnen het investeringsprogramma een extra compensatie doorgevoerd van 11,5 miljoen euro voor het herstellen van de dringende winterschade.
Op de MORA-website staat ook een up-to-date overzicht van de "missing links".








In april 2010 is het eerste geïntegreerde fietsinvesteringsprogramma 2010 voorgesteld. Op het programma staat 100 miljoen euro voor ca. 200 fietsinfrastructuurprojecten.
De ‘Fietspot’ omvat een bundeling van de middelen uit de verschillende diensten, zodat het integrale fietsinvesteringsprogramma op een efficiënte en gecoördineerde wijze kan gerealiseerd worden. De Fietspot 2010 bedraagt 100 miljoen euro.
Het eerste integraal fietsinvesteringsprogramma bestaat in eerste instantie uit fietspaden langs gewestwegen en gemeentewegen, inclusief fietsbruggen en -tunnels. Daarnaast doen de Vlaamse waterwegbeheerders (Waterwegen en Zeekanaal nv en De Scheepvaart nv) investeringen in de aanleg van (verharde) jaagpaden en fietsbruggen. Ook De Lijn draagt zijn steentje bij door het voorzien in fietsenstallingen op halteplaatsen en in stationsomgevingen.
Voor de voorbereiding, realisatie en begeleiding van dit investeringsprogramma is een Fietsteam opgericht dat optreedt als projectmanager. Het Fietsteam is samengesteld uit vertegenwoordigers van verschillende administraties, De Lijn, de provincies en de VVSG. Het bekijkt welke dienst het best geplaatst is voor de uitvoering van de onderscheiden projecten en doet een voorstel van financiering en planning voor elk project.
Uit de cijfers van het tweede fietspadenrapport (link tabel 15) uit 2009 blijkt dat de staat van de fietspaden langs Vlaamse gewestwegen tussen 2007 en 2009 licht is verbeterd. 9,5% op het totaal aantal gecontroleerde kilometer in 2009 scoort onvoldoende of slecht. In 2007 was dit 11,5%.
Resultaten fietspadeninspectie 2007 en 2009: Aantal kilometer geïnspecteerde fietspaden 2009 vs 2007
| totaal | voldoende of beter | onvoldoende | |||||
| 2009 | 2009 | 2007 | 2009 | 2007 | |||
| Totaal | 7167,9 | 6482,6 | 90,44% | 88,49% | 685,3 | 9,56% | 11,51% |








In het Masterplan 2014, uit 2009, zijn de investeringen opgenomen die nodig worden geacht voor het wegwerken van de bottlenecks en de missing links tegen 2014.
Het plan selecteert 15 projecten. Twee projecten zijn in 2009 effectief gerealiseerd. 6 projecten zijn momenteel in uitvoering. Voor 7 projecten is nog geen politieke beslissing genomen.

Bron: nv De Scheepvaart, Waterwegen en Zeekanaal NV
Een aandachtspunt is de financiering en derhalve ook de timing van sommige projecten. Zo zijn voor de modernisering van het Albertkanaal en de verhoging van de bruggen aanzienlijke investeringen nodig die de huidige reguliere budgetten overschrijden.
Voor bedrijven die een kaaimuur bouwen financiert de overheid tussen 60 en 80 procent van de infrastructuurkosten. Het budget bedraagt 10 miljoen euro per jaar. Hoofdstuk 6 “Comodaliteit in het goederenvervoer” gaat nader in op het kaaimurenprogramma.
De kredieten voor de binnenvaartinfrastructuur en onderhoud ervan zijn de laatste jaren fors gestegen. Op het programma 2010 is 127,7 miljoen euro voorzien voor infrastructurele projecten en onderhoud.
|
Miljoen €
|
Reële uitgaven 2009
|
Programma 2010
|
|
Recurrente projecten: onderhoud en baggeren
|
59,11
|
60,60
|
|
Specifieke infrastructurele projecten (15)
|
62,59
|
67,11
|
|
Totaal
|
121,7
|
127,71
|
Bron: Toelichting Infrastructuurbeheerders binnenvaart in MORA. 2010
Om alle projecten van het meerjarenprogramma van het Masterplan 2014 te realiseren zijn er evenwel substantiële extra middelen nodig. Naast de 420 miljoen euro die momenteel voorzien is als gevolg van beleidsbeslissingen of in uitvoering van het investeringsprogramma, dient nog extra 180 vrijgemaakt te worden.
Ook om de onderhoudsachterstand, ondermeer wat betreft de baggerwerken, weg te werken zullen extra middelen noodzakelijk zijn. Het Masterplan 2014 acht hiervoor jaarlijks een krediet van 100 miljoen euro tussen 2009 en 2014 noodzakelijk. Dit is een verdubbeling van de huidige kredieten.
Op de MORA-website staat ook een up-to-date overzicht van de "missing links".








De Vlaamse regering wil afspraken met de NMBS-groep over de essentiële investeringen in het spoornet zodat de investeringen beter afgestemd worden op de mobiliteitsvisie in Vlaanderen. Prioriteiten hierbij zijn de voorstadsnetten versterken (GEN), de realisatie van de tweede spoorontsluiting haven van Antwerpen, reactivering van de IJzeren Rijn, uitbouw haven van Zeebrugge en de comodale ontwikkeling van stationsomgevingen. Een uitgebreide stand van zaken van de grote spoorwegprojecten met impact in Vlaanderen juni 2010 leest u in het Mobiliteitsverslag 2010, hoofdstuk 3 Infrastructuurbeleid.
Infrabel geeft aan dat hij de spoorinfrastructuur op regelmatige basis onderhoudt volgens vooraf bepaalde criteria en ritmes. Het beheerscontract garandeert dat binnen het investeringsbudget elk jaar een voldoende budget gereserveerd is om dat onderhoud uit te voeren. Er zijn volgens de maatschappij geen specifieke situaties van structureel achterstallig onderhoud. De MORA neemt hiervan akte.
Het Vlaams Gewest heeft er zich toe verbonden om via het principe van co- en prefinanciering, een aantal spoorprojecten (link naar tabel 14) mee te ondersteunen. Op deze manier beoogde het
Vlaams Gewest de versnelde uitvoering van enkele – voor Vlaanderen – strategische projecten: . Volgende contracten werden in dit kader afgesloten: de herindienststelling van de spoorlijn 20 – Hasselt-Maastricht tussen Lanaken en Maastricht, spoorweginfrastructuren in de haven van Zeebrugge, de Liefkenshoekspoorverbinding in de haven van Antwerpen en de stationsomgeving van Mechelen.
|
(x 1000€)
|
2008
|
3de BC 2009
|
2010
|
BC 2010
|
Verschil
2010 - BC |
|
GVK
|
26.000
|
34.167
|
26.167
|
42.208
|
+16.041
|
|
GOK
|
26.610
|
36.282
|
26.000
|
56.400
|
+30.400
|
Bron: Begrotingscontrole 2010
Voor die stationsomgevingen werd ook het IVA Fonds Stationsomgevingen tijdens de vorige legislatuur opgericht.. Dit fonds heeft als opdracht middelen vrij te maken voor de financiering van onthaalinfrastructuur voor De Lijn en haar reizigers bij de heraanleg van een stationsomgeving.
Op de MORA-website staat ook een up-to-date overzicht van de "missing links".








In 2009 realiseerde De Lijn een beperkt aantal infrastructuurprojecten. Hhet gaat om puur infrastructuurprojecten, dus geen projecten in het kader van netmanagement of frequentie. Een overzicht van de belangrijkste projecten per provincie vindt u in het Mobiliteitsverslag 2010.
De Beheersovereenkomst afgesloten tussen de Vlaamse Regering en de VVM – De Lijn stelt dat jaarlijks 25 km vrije bus- of trambanen op gewestwegen worden aangelegd. We stellen vast dat er geen systematische opvolging is van de realisaties op het terrein van deze maatregelen voorzien in het Beheerscontract.
Vanuit de algemene middelen van de Vlaamse begroting wordt aan De Lijn in 2010 een exploitatietoelage toegekend van 799,6 miljoen euro. Dit is, als gevolg van de opgelegde besparingen, 37,8 miljoen (4,52%) minder dan 2009. De MORA heeft geen duidelijk zicht op welke wijze de besparingen zullen worden doorgevoerd.
Naast de exploitatietoelage voorziet de begroting ook middelen voor investeringen. Voor 2010 is dit ca. 174 miljoen euro voor uitgaven die op één of andere wijze gericht zijn op investeringen voor gemeenschappelijk vervoer (114,69 miljoen voor investeringen algemeen, 13,10 miljoen aan de BAM, 12,68 miljoen voor stationsomgevingen, 11,88 miljoen voor aanschaf trams i.h.k.v. het Masterplan en 22,36 miljoen beschikbaarheidsvergoedingen). De middelen vanuit het VIF voor investeringen aan De Lijn bedragen voor 2010, 20,7 miljoen euro.








Tussen 2004 en 2007 steeg zowel het aantal voertuigkilometers als het aantal reizigerskilometers op het Vlaamse wegennet. In 2007 stopt deze groei en wordt een daling ingezet.
Deze evolutie manifesteert zich op zowel op de autosnelwegen als op de andere genummerde wegen (gewestwegen) en de gemeentewegen. De daling tussen 2007 en 2008 is het meest uitgesproken op de andere genummerde wegen. Op de autosnelwegen noteert men ook een daling maar deze is minder manifest.

|
2004
|
2005
|
2006
|
2007
|
2008
|
|
|
Autosnelwegen
|
20,27
|
20,46
|
21,27
|
22,05
|
21,86
|
|
Andere genummerde wegen
|
21,79
|
21,74
|
21,78
|
22,01
|
21,53
|
|
Gemeentewegen
|
12,3
|
12,34
|
12,42
|
12,57
|
12,52
|
|
Totaal
|
54,36
|
54,54
|
55,47
|
56,63
|
55,91
|
Bron: FOD Mobiliteit en Vervoer

|
2004
|
2005
|
2006
|
2007
|
2008
|
|
|
Autosnelwegen
|
22,29
|
22,4
|
23,13
|
23,89
|
23,86
|
|
Andere genummerde wegen
|
25,51
|
25,3
|
25,19
|
25,41
|
24,83
|
|
Gemeentewegen
|
14,02
|
14
|
13,96
|
14,04
|
13,93
|
|
Totaal
|
61,82
|
61,7
|
62,28
|
63,34
|
62,62
|
Bron: FOD Mobiliteit en Vervoer
Wat de congestieproblematiek betreft blijft de zwaarte van de files globaal gezien stijgen (uitgezonderd een neerwaartse knik tussen 2008 en 2009 die men toerekent aan de gevolgen van de economische crisis).

Bron: SVR op basis van Vlaams Verkeerscentrum
Met 5% verliesuren op het Vlaamse wegennet lijken we de doelstelling van PACT 2020 voorzichtig te benaderen, maar dit cijfer moeten we relativeren aangezien het meetnet niet volledig is (geen gegevens over de Ring Antwerpen). Het gaat hier om een onderschatting van de werkelijke toestand. Er is in 2009 ook een toename van het aantal zones op het Vlaamse wegennet met structurele files.

Bron: SVR op basis van Verkeerscentrum Vlaanderen
Het Verkeerscentrum Vlaanderen maakt op basis van de waarnemingen van de verkeersoperatoren een overzicht van de wegvakken op het hoofdwegennet waar de structurele files zich situeren. De kaarten van 2009 geven voor ochtendspits en avondspits , de wegsegmenten weer waar het verkeer vertraagd tot sterk vertraagd verloopt, alsook wordt aangegeven welke zones in 2009 bijkomend ten opzichte van de situatie in 2008 te kampen hebben met structurele congestie.


Bron: Verkeerscentrum Vlaanderen
De afgelopen maanden stond het thema van de verbetering en versnelling van het beleidsproces voor infrastructuurinvesteringen hoog op de politieke agenda. Er was een resolutie van het Vlaams Parlement, voorstellen van de Commissie Berx alsook aanbevelingen en adviezen van verschillende strategische adviesraden (MORA, SERV, SARO). Vooralsnog hebben deze initiatieven alleen geleid tot de oprichting van een Taskforce die een plan van aanpak moet voorleggen. Het plan van aanpak is tot op heden nog niet beschikbaar. Wél zijn vanuit de Taskforce een zestal thematische werkgroepen opgericht die op korte termijn concrete voorstellen moeten uitwerken. De MORA wenst er uitdrukkelijk op aan te dringen dat bij de uitwerking van voorstellen voldoende rekening wordt gehouden met de nood aan transparantie, sociaaleconomische onderbouwing en draagvlak. Het is daarbij essentieel dat de rol van de SAR’s in het proces erkend en bewaakt wordt.



