MORA vraagt snel benchmark De Lijn

    advies op vraag
    Vlaams minister van Mobiliteit en Openbare Werken
    Lydia Peeters

    De raad vraagt om het snel vooruit te laten gaan met de definitieve goedkeuring van het besluit, het bestek en de benchmarkstudie zodat het snel duidelijk is of De Lijn wordt aangesteld als interne operator van het kern- en aanvullend net.

    Het ontwerpbesluit biedt de ruimte om een kwalitatief bestek op te stellen. Daarom formuleert de MORA in zijn advies geen vragen tot wijzigingen van het ontwerpbesluit zodat het bestek snel in de markt kan gezet worden. 

    De interpretatie van de benchmarkstudie heeft verstrekkende gevolgen voor het geregeld stads- en streekvervoer in Vlaanderen. Daarom vraagt de MORA om een inhoudelijke stuurgroep op te richten die het aangestelde studiebureau begeleidt bij de interpretatie van de indicatoren. Ook De Lijn en de referentiebedrijven moeten hierover hun reflectie kunnen geven.

    De raad formuleert volgende suggesties voor de benchmarkstudie die kunnen worden meegenomen in het bestek:

    • Streef maximale consistentie na met de benchmarkstudies uit 2009 en 2014 zodat vergelijkingen over langere periodes mogelijk zijn. Dit impliceert dezelfde indicatoren en regio’s in de nieuwe benchmark. 
    • Verduidelijk de indicatoren conform het eindrapport van Inno-V.
    • Hou bij de interpretatie van de indicatoren rekening met factoren die eigen zijn aan de Vlaamse beleids- en mobiliteitscontext. Zo is een evaluatie mogelijk van zowel het mobiliteitsbeleid van de Vlaamse Regering als van de bedrijfsvoering van De Lijn.