Advies exploitatievoorwaarden individueel bezoldigd personenvervoer

advies op vraag
Vlaams minister van Mobiliteit en Openbare Werken
Lydia Peeters
Ontwerpbesluit van de Vlaamse Regering tot wijziging van het BVR 8 november 2019 betreffende exploitatievoorwaarden individueel bezoldigd personenvervoer

Na een traject van vijf jaar heerst nog steeds onzekerheid in het Vlaamse taxilandschap. Dit is voornamelijk het gevolg van de onvolmaaktheden in het decreet en het BVR waar de MORA de voorbije jaren vruchteloos voor waarschuwde.
Het oorspronkelijke decreet wou een innovatieve en evenwichtige Vlaamse taxiregelgeving in het leven roepen. De veranderingen in dit wijzigingsbesluit vergroten volgens de MORA de afstand tussen de beleidsdoelstellingen van het oorspronkelijke decreet en de realiteit op het terrein.

Het schrappen van de ‘vijftienminutenregel’ gebeurde zonder omkadering en oog voor eventuele gevolgen voor de taxibedrijven, lokale besturen en klanten. Het MORA-advies beperkt zich echter niet tot het becommentariëren van de schrapping van de ‘vijftienminutenregel’.

De raad erkent dat de huidige minister erfgenaam is van de besluitvorming uit de vorige legislatuur maar begrijpt niet waarom het moeizaam bereikte evenwicht per besluit wordt opgegeven. Dergelijke verstrekkende aanpassingen hadden bijvoorbeeld mee een plaats kunnen krijgen in de wijzigingen aan het decreet opgenomen in het recente Verzameldecreet. Dit had een meer solide wettelijke basis opgeleverd voor de Vlaamse taxiregelgeving.

Het stapsgewijze regelgevingsproces is geen toonbeeld voor een democratisch beleidsproces. Daarom vraagt de raad om het decreet individueel bezoldigd personenvervoer en de volledige Vlaamse taxiregelgeving voor te leggen voor een grondig politiek en maatschappelijk debat.